Silent Spring 2020 deel 2

Silent Spring 2020

deel 2

In mijn vorige blog beschreef ik hoe raar het voelde om lekker in de zon te zitten terwijl om mij heen en tijdens mijn reis de gevolgen van corona zichtbaar werden. Inmiddels is het virus de hele aardbol over gegaan. Het virus domineert wereldwijd het nieuws.

Thuis achter de laptop lees ik talloze verhalen en artikelen over de oorzaak en de oplossing; respectievelijk onze vervreemding van de natuur en zorgen voor een betere balans met de natuur. En daar kan ik me helemaal in vinden. Ik ben het met de meesten wel eens, een ander economisch systeem wat niet op materiële en financiële groei is gebaseerd maar welzijn centraal stelt en aandacht heeft voor klimaat en milieu etc. En de basis daarvoor is vooral ook een andere omgang met elkaar. Aandacht voor elkaar. Moeten we doen.

Maar vóór deze crisis las ik daar ook al over en het lijkt of er nu een schepje bovenop wordt gedaan. Vele auteurs, opiniemakers en wetenschappers zien nu hun kans om op de golven van deze pandemie hun stokpaardje te berijden. Hun bijdragen hebben een hoog ‘zie je nu wel’, of ‘ik heb het altijd al gezegd’ gehalte. En dat snap ik.

Maar soms schiet het door. Dat gefrustreerde randje gaat dan net even over de rand. Alsof er iets te vieren valt! Ik zie dat ons gezondheidssysteem dreigt om te vallen. Probeer je eens voor te stellen hoe dat zou zijn. Alle specialisten zijn ineens ‘gewoon’ arts en helpen waar het nodig is. Poliklinieken zijn gesloten, afspraken afgezegd. Ik zie en hoor de verhalen uit de ziekenhuizen. Mijn hemel, dat is heftig. Geen naasten om je heen, in coma gebracht worden en niet weten of je daar ooit weer uit wakker wordt. Je zult als arts die boodschap maar moeten brengen!

Hoe kan het, dat als we een andere omgang met elkaar willen met oprechte aandacht voor elkaar als basis voor die nieuwe sociale en milieuvriendelijke wereld, dat mensen blij zijn met deze ramp? Of zoals Eric Holthaus het krachtig uitdrukt in de Correspondent:

‘People are dying, no one should be cheering. Wishing for a disaster to make the large-scale changes that scientists say are necessary to prevent a planetary collapse is counterproductive.’

Stop hier. Dit bedoelen we toch niet? Dit willen we toch niet? Een echte systeemverandering begint in en tussen mensen. Daar zijn veel van de bedoelde auteurs van overtuigd. Je kan niet alleen met ‘hoofd’ en ‘handen’ die nieuwe wereld bouwen, daar hoort ‘hart’ tussen. Tussen.

Hart staat voor emotie, laten zien wat er in je leeft, het uiten van je gevoel. Ik word zelf volop geraakt door de persoonlijke verhalen. Maar ook de initiatieven die vanuit die verhalen ontstaan. Daar is een verbinding vanuit het hart met hoofd en handen. En dat raakt niet alleen mij lijkt wel als ik door de sociale media scrol.

‘There is deep longing for more meaning, for connections.’ Otto Scharmer

Ik lees vaak van die mooie maatschappelijke vergezichten waar ik het helemaal mee eens ben maar toch het gevoel heb dat het niet klopt, dat er iets vergeten wordt. Verbinding. Men lijkt verblind door de kansen, de mogelijkheden die deze crisis biedt. De heilige graal binnen handbereik. Maar het blijft een luchtspiegeling, een fata morgana, als we het lijden geen plek geven. En daar hoort rouw bij.

Rouwen hoort bij een crisis. Rouwen is niet alleen stil in een hoekje zitten. Daarin past actie, woede en vechten maar ook stilte. Stilstaan bij dit lijden. Als je daar kan zijn bij de ander dan komt de vraag: ‘Waar kan ik jou helpen?’ Belangeloos vanuit betrokkenheid. Dat is de werkelijke transformerende vraag. Daar ontstaat verbinding. Dat zijn de kiemen voor iets nieuws.
Als men praat over pijn, tranen en verdriet dan benoemt men dat vaak als in het dal zitten. Dat is altijd persoonlijk en kan ook transformerend zijn. Ik merk bij mezelf boosheid: ‘heb je er weer een die als een idioot over het leed heen springt.’ Alsof ik het moet opnemen voor het leed. Het gaat natuurlijk veel dieper dan dat en ergens raakt het ook iets van mij. Ik sta beneden in het dal en ben boos op degenen die daar overheen zijn gesprongen. Maar ik meen het wel, je kan niet over dat dal heen springen en aan de overkant een nieuwe maatschappij bouwen. Het leed kan niet onbenoemd blijven.

We bouwen die nieuwe gewenste maatschappij op al die mensen die nu dood gaan, die nu vechten voor hun leven en al die mensen in cruciale beroepen die nu zo hard nodig zijn. Dus laten we daarbij stilstaan en dat gevoel meenemen als we het weer over de kansen van deze crisis hebben.

Afbeelding: Weeping Willow, Claude Monet, 1918/19

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *